Het woord van zondag 13 december 2020

(spreker: br. Leo Schreurs, voorganger PG Sion)
Ik wil met jullie gaan naar Jesaja 61:1-10. Hier wordt gesproken over een tijd voor het volk van Israël. Een tijd over de heerlijkheid des Heren. Een tijd over de zalving des Heren. Een tijd over de grootheid des Heren. Wij mogen zien dat een gedeelte, hier beschreven, reeds gebeurt is. Wat is er in 1948 gebeurt toen de staat Israël officieel werd gesticht ? Wie heeft hen geholpen in die tijd ? Wie heeft hun akkers bewerkt en wie zijn hun wijngaardeniers geweest ? In die tijd waren de kibboetsen. Vele jongeren uit verschillende landen zijn uitgetrokken naar Israël om in de kibboetsen te helpen met het opbouwen van het land. En als we nu kijken in Israël dan zien we de zegen van de Here uit die tijd. Maar het woord van de Here is niet voor één bepaalde tijd. Zo van: “dat was toen en nu niet meer” ! Sommigen zeggen bijvoorbeeld dat de zalving en de uitingen van de Heilige Geest, het spreken in tongen, genezing en verder wonderen en tekenen, dat dat van toen was en dat deze vandaag de dag niet meer zijn. Maar zo is dat niet ! Neen, God is in Zijn volheid en heerlijkheid onveranderlijk ! Bij Hem is geen verandering mogelijk ! In dit gedeelte wat we gelezen hebben uit Jesaja spreekt God ook naar ons toe. In vers 10 lezen we dat we de heerlijkheid van de Here niet alleen mogen verwacht, maar ook aandoen. De Here zegt hier eigenlijk dat Hij Zich aan het voorbereiden is op Zijn komst. Hier staat dat Hij ons heeft bekleed met de klederen des heils en ons omhuld met de mantel der gerechtigheid. We hebben het heil en de gerechtigheid van God ontvangen ! We zijn gerechtvaardigdde Heer ! Wij behoren tot Zijn bruid ! Wij zijn de bruid des Heren !

Lees de volledige preek